De routekaart voor start-up financiering: van idee naar scale-up

De definitie van een start-up is volgens de Rijksoverheid: ‘jonge, innovatieve en technologiegedreven bedrijven’ (BRON). Start-ups zijn onmisbaar voor de economie, omdat ze gedreven worden door innovatie en zo problemen in de zorg of een andere sector kunnen oplossen.

Als start-up kom je veel ‘hobbels’ tegen, het gevolg is dat zo’n 90% van de start-ups faalt binnen de eerste paar jaar (BRON). Gelukkig zijn er veel financieringsmogelijkheden voor start-ups, het is dan wel belangrijk om te weten in welke fase je zit en welke financieringsmogelijkheden er zijn.

Er zijn diverse mogelijheden voor financiering maar wat zijn de verschillen tussen een lening en een subsidie? In welke fase zit je, pre-seed, start-up of scale-up? In dit artikel geven we je een overzicht van alles wat je moet weten.

Hoe financier je een start-up?

De omzet van een start-up is vaak laag, dus vaak kun je niet zonder externe financiering. Je kan je start-up op verschillende manieren financieren, door schenkingen van subsidies of fondsen, maar ook via investeringsfondsen. Dit heb je nodig om je innovatie van de grond te krijgen en uiteindelijk zelfstandig verder door te gaan. Als je een start-up wil beginnen, is het belangrijk om je alvast te orienteren op de financieringsmogelijkheden. Er zijn ook veel geldgevers die uitsluitend geld verstrekken of lenen aan een specifieke sector, bijvoorbeeld aan de zorg.

Welke financieringsvormen zijn er per fase?

De financieringsmogelijkheden die je hebt zijn afhankelijk van de fase waar jouw innovatie zich bevindt. Dit kun je bepalen op basis van de Technology Readiness Level (TRL) van jouw innovatie. Er zijn 9 niveaus en hoe hoger het niveau van jouw innovatie, hoe hoger de financiering die je krijgt vaak is (BRON).

  • TRL 1: Onderzoek naar het innovatieve idee en de basisprincipes van de innovatie.
  • TRL 2: Formulering van het technologisch concept en de praktische toepassingen. In deze fase ben je vooral bezig met experimenteel en/of analytisch onderzoek.
  • TRL 3: Onderzoek naar de toepasbaarheid van het concept op experimentele basis (experimenteel proof of concept).
  • TRL 4: Testen van de Proof-of-concept van de innovatie op labschaal. Een prototype in deze fase kost relatief weinig geld en tijd om te ontwikkelen en is daarmee nog ver verwijderd van een definitief product, proces of dienst.
  • TRL 5: Onderzoek naar de werking van het technologisch concept in een relevante omgeving. Dit is de 1e stap in de demonstratie van de technologie.
  • TRL 6: Uitgebreid testen en demonstreren van het concept in een relevante testomgeving. Het testen vindt plaats na de technische validatie in een relevante (pilot) omgeving, zoals een proeftuin.
  • TRL 7: Uitgebreid testen en demonstreren van het concept in een gebruikersomgeving om de werking in een operationele omgeving te bewijzen. De demonstratie van het concept in een praktijkomgeving levert nieuwe inzichten op voor de definitieve markttoepassing van de innovatie.
  • TRL 8: In deze fase krijgt de innovatie zijn definitieve vorm. Je hebt de technologische werking getest en het is bewezen dat het voldoet aan gestelde verwachtingen, kwalificaties en normen (certificering). Daarnaast bepaal je de financiële kaders voor (massa)productie en lancering en ben je klaar voor de volgende stap.  
  • TRL 9: De innovatie is technisch en commercieel gereed; productierijp en klaar voor lancering in de gewenste marktomgeving. Nu het totale ontwikkelingsproces is afgerond weet je hoe je het product bij de gewenste doelgroep in de juiste markt krijgt.
    (BRON)

In de vroege fases vraag je vaak subsidies aan om de middelen te verzamelen om verkennend onderzoek te doen. Dit zijn dan vaak subsidies gerelateerd aan innovatie. In de latere fases kan je een investeringsfonds inschakelen om jouw innovatie de markt in te brengen.

Welke subsidies zijn er voor beginnende TRL’s?

Om in het begin jouw innovatie te ondersteunen kun je stimuleringsfondsen of innovatiegerichte subsidies die ook voor bedrijven zijn aanvragen. Je hebt ook overheidssubsidies van de RVO. Deze subsidies vraag je aan als jouw innovatie nog in TRL 1-3 zit. Een voorbeeld van een stimuleringsfonds is:

Metropool Regio Eindhoven – Stimuleringsfonds

Met het Stimuleringsfonds ondersteunen ze innovatie, samenwerking en de economische structuur in Zuidoost-Brabant. Hieronder vallen ook zorginnovaties. Met hun bijdrages hebben ze al verschillende innovators op weg geholpen om ook mooie prijzen te winnen.

Deadline: 1 april 2026 en 1 oktober 2026
Budget: maximaal € 50.000,- per aanvraag

Let wel, de bedragen liggen hier een stuk lager. In dit geval is het € 50.000,- en ze dekken 50% van je kosten, dus zal je zelf ook nog geld moeten inleggen.

Je hebt ook subsidies die start-ups helpen om het makkelijker te maken om onderzoek te doen, zoals de WBSO:

RVO – WBSO: fiscale regeling voor research en development

Dit is een subsidie die de lasten verlaagt voor bedrijven die ondtwikkelings- en/of onderzoeksprojecten in de zorg uitvoert. Het doel van de WBSO is het bevorderen van innovatie in het bedrijfsleven door middel van een tegemoetkoming in de R&D-kosten (Research en Development), bestaande uit: loonkosten, overige kosten en uitgaven. In de praktijk betekent dit dat je minder loonheffing afdraagt en bespaart op de R&D-kosten.

Deadline: 30 september 2026 voor aanvragen in 2026
Budget: geen vaststaand bedrag

Investeringsfondsen

De meest voorkomende financiering voor start-ups zijn investeringsfondsen. Het zit eigenlijk al in de naam: deze fondsen investeren in jouw bedrijf in de hoop daar wat voor terug te krijgen. Deze fondsen bieden leningen aan start-ups waar ze marktpotentie in zien. De lening betaal je met rente terug. Sommige investeringsfondsen willen ook aandelen in jouw bedrijf. Naast financiële middelen, bieden ze vaak ook advies over hoe je jouw innovatie winstgevend maakt. Ze willen dat hun investering baat, dus daarom ze helpen je ook vaak op gang.

De bedragen die je kan krijgen van investeringsfondsen verschillen flink. Het start met bedragen vanaf € 200.000,- en oplopen tot € 10 miljoen. Vaak ligt het tussen de € 1 en de € 5 miljoen. Wat je krijgt is erg afhankelijk van jouw product en de fase waarin jouw bedrijf zich bevindt. Hierbij is een goede aanvraag ook belangrijk: als jij jouw geldgevers kan overtuigen dat jouw product een gat in de markt is, dan kan je meer geld krijgen om dat daadwerkelijk zo te realiseren.

Er zijn ook regelingen vanuit de overheid die deze investeringen helpen. Met de Seed Capital regeling bijvoorbeeld verdubbelt de overheid de inleg van investeerders.

Veel investeringsfondsen hanteren een aantal fases waar start-ups zich in bevinden en die fases corresponderen met de hoeveelheid financiering die je kan krijgen. Investeringsfondsen financieren meestal bedrijven die in de Seed of Series A fase zitten. We zetten hier de fases en hun verhouding tot de TRL’s even op een rijtje:

Pre-seed funding

Dit is de financiering die je verzamelt voordat je met het bedrijf start, zodat je de eerste stappen kunt zetten. Vaak gaat het dan om donaties of leningen uit de persoonlijke kring. Er komt dus nog geen fonds aan te pas.

Seed funding

Dit zijn de eerste ondernemingstappen waar de eerste “zaadjes” geplant worden. Deze fase komt ongeveer overeen met TRL 4-7. Je vindt in deze fase een externe financierder die jouw innovatie wil ondersteunen. Het risicogehalte ligt nog hoog, dus is het lastiger om een geldgever te vinden. Dit is ook de fase waar de meeste ondernemingen stranden. Dat betekent ook dat als je de volgende stap weet te halen je goed op weg bent. Vaak lopen de bedragen niet hoger dan € 1 miljoen. Sommige start-ups financieren de eerste stappen vanuit persoonlijke kring en gaan direct door naar Series A.

Series A

Je zit pas in deze fase als er genoeg bewijs is dat jouw innovatie marktbestedig is. De geldgever ziet dus hier al een potentie voor jouw bedrijf. In deze fase draait het erom dat je product verfijnt en op de markt brengt. Series A komt overeen met TRL 6-8. Hiermee wordt het bedrag wat je krijgt ook hoger. Deze fase wordt Series A genoemd, omdat er hopelijk nog meer fases erop volgen. Als je in deze fase financiering krijgt, dan wil het investseringsfonds vaak een aandeel in jouw bedrijf. De bedragen variëren in deze fase van € 1 miljoen tot € 10 miljoen. Om in aanmerking te komen heb vaak een maandelijkse groei nodig van 12% – 20% (BRON).

Series B

Vanaf deze fase gaat het om schaalvergroting en daarmee krijg je ook nog hogere bedragen. Je kan ook series C, D, E etc. hebben, maar dat is van de geldgever afhankelijk. Er zijn ook investeringsfondsen die deze fase niet hanteren.

Scale-up

Als je de eerste vijf jaar hebt overleeft en zelfstandig omzet draait, dan valt jouw bedrijf onder een scale-up. Wanneer je een scale-up bent, heb je de TRL 9 bereikt.

Op de hoogte blijven van financiering voor jouw start-up?

Ben jij een start-up op zoek naar financiering? Of wil je een start-up beginnen maar weet je niet waar je de financiering moet zoeken? In onze database vind je ongeveer 50 investeringsfondsen. Daarnaast zijn er 75+ subsidies voor zorginnovatie die aan te vragen zijn door bedrijven. Met een abonnement krijg je toegang tot de database én word je ook wekelijks op de hoogte gehouden van de nieuwste ontwikkelingen in het subsidielandschap voor Zorg en Welzijn.

Meld je aan voor de wekelijkse subsidieflits

Je ontvangt het laatste subsidie- en fondsennieuws en krijgt tips bij je aanvraag.

dit veld niet invullen s.v.p.