Innovatiemiljoenen blijven onbesteed liggen

In 2012 stond een artikel in Skipr met de titel:

Innovatiemiljoenen blijven onbesteed liggen

Voor velen die zich bezig houden met subsidies en fondsen herkenbaar! Slechts een fractie van circa één tot anderhalf miljard euro die investeringsmaatschappijen en zorgverzekeraars beschikbaar hebben voor zorginnovatie daadwerkelijk wordt geïnvesteerd.

En als redenen daarvoor worden o.a. aangevoerd:

“Vaak zijn de inhoudelijke ideeën heel interessant, maar is het bedrijfsmatig en zakelijk denken beperkt”,
“Zorginnovatoren zijn ‘onbewust incompetent’…”
“Veel initiatieven zijn onvoldoende innovatief en vooral gericht op het verbeteren van bestaande zorgprocessen, waarbij de aandacht zich met name richt op het vergroten van efficiëntie”…

Stance van Heijst denkt dat er een wereld te winnen is in kweken van wederzijds begrip tussen ‘geldverstrekkers’ en ‘aanvragers’. Om dat te illustreren grijpt zij terug naar een van haar eigen ervaringen.

Nadat ik in 2009 succesvol een subsidie van 2,5 miljoen had binnengehaald voor een omvangrijk ouderenzorgproject viel mijn oog op een vergelijkbaar artikel. Er lag ergens € 700.000,- euro ‘ongebruikt’ op goede project ideeën te wachten en uiteraard was dat ‘jammer’. Dus vol goede moed belde ik op om te informeren onder welke voorwaarden ik een aanvraag kon indienen.

Bureaucratische nachtmerrie
Vervolgens strandde ik in een bureaucratische nachtmerrie. Niemand wist wie verantwoordelijk was en mensen en organisaties verwezen naar elkaar.

In afwachting van terugbel afspraken die nooit werden nagekomen worstelde ik alvast dikke beleidsstukken in ambtelijke taal door om er achter te komen of mijn idee wel of niet in aanmerking kwam voor dit ‘vergeten potje’.

Onontwarbare kluwen voorwaarden

In zo’n dik stuk vond ik dan weer een verwijzing waarin stond dat de voorwaarden van een andere organisatie of innovatieprogramma ook van toepassing waren op het in te dienen voorstel (weer ‘tig’ pgs). En zo bevond ik me al snel in een ingewikkelde en onontwarbare netwerkstructuur van naar elkaar verwijzende voorwaarden, mensen en organisaties.

Nadat ik, in een periode van 3 maanden, nog meerdere keren gebeld had en werkelijk niemand me kon vertellen hoe de vork nu precies in de steel zat heb ik deze queeste maar opgegeven. (Mensen die mij goed kennen roemen mijn ‘pitbullkwaliteiten’. Ik geef echt niet snel op.) Dit was echt onbegonnen werk!

Hand in eigen boezem steken

Wat mij nogal stoort in het bovengenoemde artikel in Skipr is dat geldverstrekkers niet ook de hand in eigen boezem steken. Een beetje zelfreflectie, meer inlevingsvermogen tonen en evt. een helpende hand toesteken zou wellicht helpen om nog ‘onvoldragen’ project ideeën tot bloei te laten komen.

Nee, in plaats daarvan worden hardwerkende, gedreven en inventieve professionals die (naast hun dagelijkse werk) oprecht het leven van anderen willen verbeteren respectloos weggezet als incompetente hobbyisten!

Worsteling

Ik kom dagelijks in aanraking met deze professionals en zie hoe zij worstelen om een aanvraag in te dienen bij een geldverstrekker. (En ja, daar zitten soms ook initiatieven tussen waarbij ik ernstige twijfels heb over de levensvatbaarheid. Maar mijn ervaring is wél dat zij open staan voor advies).

Welke klachten over geldverstrekkers hoor ik zoal?

Een bloemlezing:

  • Moeilijk leesbare programma- en beleidsteksten en voorwaarden met ambtelijk, juridische en/of specialistisch jargon;
  • Bureaucratische indieningsprocedures met veel voorwaarden;
  • Gebruiksonvriendelijke online indieningssystemen die er bovendien regelmatig ‘uit klappen’ => alle gegevens weg en je kunt weer opnieuw beginnen;
  • (Te) lange doorlooptijden (gemiddeld 7 maanden) voordat je duidelijkheid hebt over honorering van je aanvraag. Gevolg: aandacht en enthousiasme binnen de eigen organisatie is weg. Na honorering hebben potentiële projectleden inmiddels focus op iets anders;
  • Wanneer een geldverstrekker nog vragen heeft krijg je daarvan (onverwacht) bericht en moet je binnen 7 tot 14 dagen inhoudelijk reageren. Ook in vakantieperioden en tijdens feestdagen wanneer er niemand bereikbaar is;
  • Deadlines die vanuit de geldverstrekker niet worden nagekomen, bijv. datum van uitslag aanvraag;
  • Niet transparant indienings- en beoordelingsproces. Je hebt geen idee hoeveel ‘mededingers’ je hebt op een bepaalde subsidie. Je vraagt je af of het wel de moeite loont om in te dienen.

Hierbij roep ik geldverstrekkers op om ook de hand in eigen boezem te steken en zich niet alleen te focussen op wat er niet goed is aan de voorgestelde zorginnovaties maar ook:

  • Te kijken hoe zij hun aanvraagproces beter kunnen stroomlijnen
    Zorgprofessionals faciliteren en ondersteunen bij het doen van een gedegen aanvraag.

Laten we, in plaats van elkaar te veroordelen, proberen elkaar beter te begrijpen. Met de ZorgSubsidieKalender wil ik de kloof dichten tussen innovatieve zorgprofessionals mensen die geld nodig hebben en organisaties die zorginnovatie willen stimuleren.

De handdoek ligt in de ring, wie pakt hem op?